banner_guerilla_tactiek

Onlangs bezocht ik het project ‘Huis van geluk’ een samenwerkingsproject van de Faculteit Industrieel Ontwerpen met Stichting Kaap de Belvédère. Voor dit project onderzochten 22 master studenten IO of je doelgericht voor het geluk van mensen kan ontwerpen. In het vakgebied IO is de vraag hoe ontwerpers kunnen bijdragen aan het welzijn van mensen een serieus onderzoeksveld. Niet alleen filosofen, psychologen of religieuze leiders houden zich bezig met het menselijk geluk, maar ook grote bedrijven als Philips en Unilever buigen zich hierover. Producten moeten niet alleen bruikbaar zijn voor mensen, maar ook een positieve bijdrage leveren aan hun geluk.

 

 

Bij het inrichten van de openbare ruimte wordt helaas nog veel te weinig gebruik gemaakt van de wetenschap van geluk, terwijl we weten dat de inrichting van een ruimte een belangrijke invloed heeft op hoe wij ons voelen, zowel bewust als onbewust. Kennis over kleur en geur worden bijvoorbeeld in interieurontwerpen of ontwerpen voor verpakkingen standaard toegepast, maar in de openbare ruimte veel te weinig. Alain de Botton onderzocht een aantal jaar geleden in zijn boek The Architecture of Happiness of je kunt ontwerpen voor geluk en emoties. Een mooi voorbeeld in zijn boek is de vergelijking tussen de Westminster Cathedral en de McDonalds aan de overkant van de straat. Beide ruimtes hebben dezelfde architectonische elementen -deuren, ramen, plafonds, muren, zitmeubilair- maar wanneer je de McDonalds binnenloopt wordt je bijna vanzelf onrustig en gehaast door de felle verlichting, de kleuren en het harde plastic meubilair. Wandel je de kerk binnen dan voel je direct de plechtige sfeer en begin je, zelfs als ongelovige, langzamer te lopen en te fluisteren.

Het streven naar geluk is één van de belangrijkste drijfveren van de mens en uiteindelijk willen we allemaal wat ons gelukkig maakt. Vanochtend had ik als gebruiker van de openbare ruimte even zo’n geluksmoment. Op mijn vaste route naar het werk was opeens een stukje openbare ruimte door een heel simpele ingreep van een onopvallende plek naar een plek met betekenis veranderd. Het betreft een stenen trap van een dijk naar een lager gelegen straat met midden in de trap een grijs metalen hek en een lantarenpaal. Hek en lantarenpaal zijn door een ‘wildbreier’ onder handen genomen en hebben daardoor een heel andere uitstraling gekregen, waar je als voorbijganger heel vrolijk van wordt. Ik heb nog niet kunnen ontdekken of het een ‘guerrilla-actie’ is van iemand die zich dit stukje openbare ruimte heeft toegeëigend of het resultaat van een participatietraject met gemeentelijke goedkeuring, maar voor het effect maakt dit niets uit. Soms ligt het geluk toch gewoon op straat…